woensdag 29 mei 2013
Waarheen
Heb je zitten zwoegen op een blog, besluit je bij nader inzien om hem maar niet te plaatsen. Omdat je twijfelt aan de inhoud, de relevantie, het aanspreken, bloggen in het algemeen, naam van het weblog…
Ik schrijf.
Ik schrijf te weinig.
Ik schrijf te onregelmatig.
Ik schrijf niet alleen over scheiden.
Voor mij is schrijven een manier om dingen op een rijtje te zetten, te overdenken en soms helpt het me aan nieuwe inzichten. Vaak heb ik een onderwerp in gedachten en weet ik wat ik er over wil schrijven, maar na een uurtje blijk ik over iets heel anders te hebben geschreven. Want ik vind dat ik een onderwerp moet inleiden, waarom wil ik het daar over hebben, hoe kom ik op het idee? Maar die inleidingen zijn vaak te lang en leiden ook vaak af van de kern, het ‘doel’ van het schrijven. En tijdens het inleiden sla ik ook vaak een zijweg in, waar ik niet meer van wegkom. Met als resultaat iets heel anders dan in mijn hoofd zat toen ik begon.
Momenteel ben ik bezig met het opnieuw inrichten van mijn leven. Dit is mijn 2de vakantieweek en voor mijn doen ben ik heel lui geweest. Deze week wil ik nog wel een aantal klusjes doen, vooral administratief, die ik steeds weer voor me uit schuif. Volgens mij zorgt een sterk uitgedund ‘to do’-lijstje voor een overzichtelijker geest. Na een jaar zoek ik nog steeds een balans tussen werk, ontspanning en inspanning ter ontspanning. Daarbij hoort ook, voor mij, de twijfels over het weblog en wat ik er nu eigenlijk mee wil en ga doen.
Wordt vervolgd.
zaterdag 25 mei 2013
Nadenken
Afgelopen week heb ik eindelijk het boek gelezen van de
“no impact man”. Jaren geleden werd
er al over gesproken op blogs, maar ik ben zo’n dwarsligger die allergisch reageert
op hypes. Eigenlijk flauw, want niet alle hypes zijn overdreven/slecht/gebakken
lucht.
Maar goed, deze meneer in New York heeft geprobeerd een
jaar lang te leven zonder ecologische voetafdruk achter te laten. Dat jaar
begon met onder andere geen afval meer voortbrengen en in de loop van het jaar
werden meer dingen afgezworen of op een andere manier aangepakt, zoals lokaal
voedsel eten, niets nieuws meer aanschaffen (dus 2dehands kopen en/of krijgen),
vleesloos eten, elektriciteit uitschakelen.
Leuk idee, maar de praktische uitvoering was niet altijd
even simpel. Hoe pak je het aan om etenswaren te kopen zonder verpakking? Hoe
bewaar je voedsel, hoe voorkom je bederf zonder een koelkast te gebruiken? Hoe
eet je gevarieerd als je alleen lokaal geteeld voedsel mag eten? Alleen al het
eten aanschaffen en bereiden vereiste soms de nodige creativiteit. En nadenken.
Met andere ogen kijken.
In beperkte mate werd gebruik gemaakt van bestaande
middelen, producten en technologie. Bijvoorbeeld de wasmachine, die is na een
tijdje handmatig wassen toch weer in gebruik genomen. Verder werden telefoon
(communicatie) en laptop (werk) gebruikt, maar wel op zonne-energie. En werken
deed hij ook vaak in zo’n openbaar kantoor, een soort verzamelplek voor zzp-ers.
Toevallig las ik vanochtend op twitter dat in Amsterdam
iemand 100 dagen als oermens probeert te leven. Waarbij ook in beperkte mate
gebruik wordt gemaakt van moderne technologie en communicatie. In hoeverre zij
het anders doet dan New York, weet ik niet. Wel zag ik dat zij nu al
commercieel bezig is met de website, twitter, foto’s, crowdfunding, wat in New
York bij toeval en geleidelijk ontstond, nadat de media besloten er aandacht
aan te besteden.
Maar goed, wat zij deden en doen is natuurlijk op veel
grotere schaal dan wat ik poog te doen. Voor hen geldt, net als voor mij, dat
het vooral neerkomt op keuzes maken: wat wil je, is het haalbaar, is het reëel,
is het praktisch, welke concessies wil je wel doen, en welke absoluut niet.
Voorlopig hou ik het bij kleine stapjes, vol goede bedoelingen. Mijn volgende
stap, die ik al langer wil zetten, is proberen mijn afvalproductie te verlagen.
Sinds ik alleen woon, is 1 vuilniszak per week of 2 weken gebruikelijk. Maar
daarnaast deponeer ik regelmatig het een en ander is de containers voor plastic,
glas en oud papier. Dat kan wel wat beter, wat minder. Maar hoe… Daar denk ik
nog over na.
woensdag 22 mei 2013
Eenmanspartij
Als van huis uit werkende zzp-er, freelancer, eenpitter,
(kleine) zelfstandige heb je geen last van collega’s die zeuren, klagen,
roddelen, sneren, nou ja, noem maar op. U begrijpt wat ik bedoel.
Kantoorpolitiek wordt hier gevoerd door een eenmanspartij.
Mocht u denken dat deze harde zwoeger na een eenzame dag
met de laptop zo smacht naar menselijk contact dat zij het
uitgaans-/verenigingsleven in Amsterdam in duikt, dan hebt u het helemaal mis.
De mensschuwe jaren zijn achter de rug, min of meer, maar sociale verlegenheid
en onhandigheid tieren nog welig. Jarenlang werden angstaanjagende sociale
bijeenkomsten samen met Ex tegemoet getreden, die in sociaal opzicht minstens
even onbeholpen was. Maar goed, gedeelde vrees is halve vrees.
Niet dat de wil en het enthousiasme ontbreken. Er zijn
genoeg bijeenkomsten, feesten en partijen waar ik me vol overtuiging voor
aanmeld. Maar direct na aanmelding slaat de twijfel toe en tot het moment dat
ik daadwerkelijk naar binnen ga, blijft de verleiding groot om me af te melden.
Omdat ik denk dat ik de hele avond alleen in een hoekje sta. Omdat ik denk dat
ik geen gesprek gaande kan houden. Omdat ik denk dat ik natuurlijk weer een verkeerde
opmerking maak. Omdat ik denk dat ik natuurlijk weer koffie omstoot/over tas of
stoel struikel. Omdat ik op zo’n avond natuurlijk weer een blunder maak die ik
vooraf niet kan indenken.
Deze lange inleiding komt eindelijk uit bij de
bijeenkomst die ik gisterenavond bezocht. Een informatieavond met onbekenden.
En deze keer stapte ik alleen naar binnen. Voorbereid op een avond tussen
mensen die elkaar al kennen en/of gemakkelijk contact leggen met onbekenden.
Denk ik dus. Vooraf. Ben ik goed in, hoor, ‘weten’ wat anderen denken, doen en
zullen zeggen.
Bij de ingang van het zalencomplex stuitte ik al op iemand voor dezelfde
bijeenkomst, ook alleen. Samen togen we naar boven en in de rij voor de koffie wisselden we wat prietpraat
uit. Zij liep meteen door naar de zaal, waarna ik
besloot met de gewoonte te breken om me een hele avond aan 1 iemand vast te
klampen. Ik dronk mijn koffie in de foyer op, bij een paar mensen met wie ik
wat woorden wisselde, niet diepgaand, maar ik had niet het idee buitengesloten
te worden (een gevoel dat me nogal snel bekruipt in gezelschap).
Op tijd werden we de zaal in gedirigeerd, waarbij ik me
afvroeg of ik bij mijn koffiegenoten zou gaan zitten (nee, niet alsnog
vastklampen!), of ergens anders. Alleen. Ach, weet je, ik ga er gewoon bij
zitten, geen gezeur. Het gaat maar om een zitplaats tijdens een informatieve
bijeenkomst, waarbij je verder niet sociaal hoeft uit te sloven. Oké, weer een ‘obstakel/probleem/dilemma’
geslecht.
Tijdens de koffiepauze weer met iemand anders staan praten. Zo simpel
kan het soms gaan: je begint over de thee en voor je het weet is de koffiepauze
voorbij. Tijdens de discussie en vragenronde heb ik me niet geroerd. Mijn vraag
was niet zo dringend, vond ik, vergeleken met de kwesties die anderen
aandroegen. U heeft al gemerkt hoe goed ik ‘weet’ wat anderen ervan vinden.
Meestal eindigt de avond met stilletjes wegsluipen als
niemand kijkt. Gisterenavond bleek het toch ook vrij simpel te zijn om afscheid
te nemen in grotere groepen met onbekenden. Gewoon goede thuisreis wensen, in
het algemeen, of gericht op 1 persoon. Een van de eerste gesprekspartners gaf
daarin het goede voorbeeld. U mag hierom lachen, maar geloof me, er zijn mensen
voor wie deze bijeenkomsten een ramp zijn. Niet alleen bedenken ze vooraf wat er
allemaal mis kan gaan, wat ze allemaal ‘fout’ kunnen doen. Maar op de bijeenkomst
zelf voelen ze zich zo niet thuis, zo dom, zo onhandig. Elke stap wordt
bedacht, overlegd, afgewogen, doorgezet of afgewezen.
Dit was voor mij een geslaagde avond, zowel informatief
als sociaal. Dan ben ik na afloop blij dat ik toch ben gegaan, trots dat ik geen/niet
al te veel blunders heb gemaakt. En tegelijkertijd weet ik dat de volgende
bijeenkomst met evenveel twijfel, angst en beven wordt tegemoet gezien en met
evenveel moeite, zweet en hartklopping wordt bezocht. Maar dat is voor later
een zorg. Zachtjes zingend ben ik naar huis gefietst. Trots, opgelucht en denkend
aan die mooie man die lief naar me glimlachte. Nee, ik weet niet hoe hij heet,
ik heb niet met hem gepraat. Zover ben ik nog niet.
woensdag 15 mei 2013
Generatiekloof
Sinds Ex twittert (vooral met kekke, jonge vrouwen), is
hij meer met popie-jopie-kreten gaan gooien. Vooral als hij iets hartstikke
geweldig vindt, vliegen de Engels(klinkend)e stopwoorden/modewoorden je om de
oren. Binnen zijn nieuwe vriendenkring (waarschijnlijk dezelfde leeftijdsgroep
als zijn Neurotische Groene Blaadje) lig je dan natuurlijk helemaal goed in de
groep, zelfs als bijna-vijftiger. Het verbaast me dat hij, met zijn behoorlijke
kennis van de Engelse taal, zich laat verleiden tot kreten die voor een
Engelstalig opgevoed persoon onzin, ongepast of buiten context zijn. Als ze lang
genoeg in Nederland wonen, zullen ze wel gewend zijn aan dat soort vreemde
kreten, maar in een Engelstalig land kun je zomaar verkeerd begrepen worden.
Geen verwijt, hoor, gewoon een constatering.
Iets anders waar ik me over verbaas, zag ik vanochtend
zag weer voorbij komen op Twitter: volwassen vrouwen, 30+, die iets gezelligs
gaan doen met ‘vriendinnetje’. Bij mij komt dan de vraag boven: “Ben jij
bevriend met meisjes die nog op de lagere school zitten?” Geen verwijt, hoor,
gewoon een constatering.
Het verbaast me ook dat dit me opvalt. Ik ben geen
taalpurist, verre van. Omdat ik de helft van de tijd in het Engels werk,
probeer ik er wel op te letten dat ik in mijn Nederlands zo min mogelijk
Engelse termen gooi, al dan niet binnen context. En wat kan mij het nou schelen
of iemand vriendinnen/vriendinnetjes heeft?
Misschien is het wel de
generatiekloof. Die Ex met succes heeft overbrugd. Zou het helpen als ik een
‘toyboy’ aan de haak sla?
maandag 6 mei 2013
Opzij, opzij, opzij
Gisteren schreef ik over flexibele structuren en schema’s.
Over minder bezigzijn met wat anderen mogelijk van mij verwachten.
Na het lopen van 15 kilometer, in een gematigd tempo,
besloot ik er een rustige zondag van te maken. Niet ‘verplicht’ naar een
bevrijdingsfestival, niet ‘verplicht’ naar buiten omdat het mooi weer is.
Gewoon koffie drinken op het balkon en thuis lekker rommelen, daar is nog
genoeg te doen. Bijvoorbeeld een enorme doos met papier uitzoeken, uitdunnen en
organiseren. Geen administratie, maar recepten; uit bladen van de supermarkt,
menusuggesties bij het groentepakket, van internet geplukt. Daarom mag ik dus
van mezelf geen kookboeken meer kopen, maar dat terzijde.
Terwijl ik nog rondhuppel in hardloopkleding belt m’n
schoonzus. Zij staat met haar horecawagen op een van de festivals in de stad en
een van haar ingrediënten raakt harder op dan verwacht. Of ik tijd had om naar
de supermarkt te gaan (om de hoek, op zondag open). Of ik daarna dwars door
Amsterdam kon crossen om haar uit de brand te helpen.
Ik doe dat graag, maar ik schiet meteen van de 1e
versnelling in de 6e versnelling. Snel, snel, ze heeft het hard
nodig, hup, onder de douche, hup op de fiets (wel eerst aankleden), hup de
supermarkt in, hup tussen de toeristen door zo snel mogelijk op het festival
zien te komen. Natuurlijk had ik me veel te druk gemaakt, te hard gefietst, te
veel gezweet, te fanatiek inwendig (op toeristen) gevloekt en gescholden, te
druk gemaakt of ik het festivalterrein wel kon vinden.
Na aflevering van de bestelling verliep de terugreis een
stuk rustiger. Een kleine omweg door de redelijk onbekende buurt leverde een
nieuwe hardlooproute op die ik in mijn reguliere ronde kan verwerken. Daar werd ik een beetje blij van en langzaam ging ik van versnelling 6 weer wat versnellingen terug.
Om toch nog iets
van een rustige zondagmiddag te beleven, ben ik na thuiskomst op de bank gaan
liggen met het boekje “Yoga voor Dummies”. Na een uurtje werd ik weer wakker. Eindelijk
terug in de 1e versnelling.
zondag 5 mei 2013
Misschien
April is een maand geworden met wisselende stemmingen en veel
overdenkingen. Niet zozeer vanwege de verjaardagen van mijn ouders (overleden,
maar niet vergeten), maar dit jaar was in april ook het eenjarig dumpjubileum
en het bezoek van ex-schoonouders.
Vergeleken met een jaar geleden ben ik er een stuk beter aan toe. Ik
kan weer lachen, ik geniet van het mooie weer, ik begin mijn draai te vinden.
Hoewel ik niet meer verstikkend kwaad op hem ben, voer ik in gedachten nog
steeds gesprekken met Ex. Over zijn daden, maar ook over wat hij heeft
nagelaten. Wel probeer ik daar langzaamaan een punt achter te zetten.
Mijn meningen zijn gebaseerd op 15 jaar samenzijn en een onfrisse
afloop. En of hij nu wel of niet veranderd is, dingen anders aanpakt, het doet
er niet toe. Wat is gebeurd, is gebeurd. Een analyse, conclusies,
aanbevelingen; niemand schiet daar iets mee op, nu niet meer. Na ruim een jaar
met minimaal contact weet ik niet meer wat hij wel of niet doet. Hoe hij denkt,
wat hij leuk vindt, wat hij jammer vindt, wat hij geleerd heeft…
Ik heb het afgelopen jaar veel geleerd. Vooral over mezelf. Vooral over
wat ik anders/beter had kunnen doen. Wat mij enorm verbaast, is dat ik
eigenlijk zo slecht weet wat ik wil, hoe ik verder wil, wat ik wil gaan doen,
wat ik wil gaan laten. Hoog tijd dat ik me daar eens op concentreer.
Voor een neurotische controlfreak als ik is regelmaat/structuur
eigenlijk niet goed. Ik bijt me vast in een schema en daar wijk ik dan weer
liever niet van af. Terwijl ik toch ook flexibel ben, goed kan improviseren. Maar
als ik geen structuur/schema heb, gebeurt het te snel dat ik dingen uitstel,
soms zelfs afstel.
Misschien moet ik maar eens minder analyseren. Misschien dat er dan
tijd komt voor spontane acties en gecontroleerde daden. Misschien dat ik dan interessantere
blogs ga schrijven. Misschien dat ik me dan minder druk maak om wat ik zou ‘moeten’,
om wat ik denk dat de buitenwereld van mij verwacht. Misschien lukt het me dan
om het blog te schrijven dat al dagen in mijn hoofd zit, maar er niet uit komt.
woensdag 1 mei 2013
Ruimte
Ex-schoonouders wilden langskomen. Kopje koffie drinken,
kijken wat ik had geschilderd en veranderd.
Net als in de tijd dat Ex en ik samen waren, ontketende
het vooruitzicht van een bezoek van hen een pavlovreactie en werd de
voorjaarsschoonmaak definitief en grondig ingezet. Naast de lichamelijke
inspanningen van schrobben en boenen, maakten mijn gedachten in die tijd ook
behoorlijk wat overuren. Herinneringen, overpeinzingen, vragen, nachtmerries…
Niet dat er in de bovenkamer erg veel werd opgeruimd. Wel werd het één en ander
opnieuw gerangschikt, ik merk dat er heel langzaam ruimte komt voor andere dingen,
leuke dingen.
Ook zijn de afgelopen tijd dingen gebeurd, met anderen,
die me deden beseffen dat er ergere dingen zijn, hoe clichématig dit ook klinkt.
Ja, leugens, bedrog, verraad en vreemdgaan van een partner die je tot het eind
toe gelooft en vertrouwt, doen pijn. Inzichten in eigen tekortkomingen, gedrag
en reacties kunnen minstens zo pijnlijk zijn. Het lukt niet altijd om die
inzichten om te zetten in een plan, een idee, een daad. Soms zijn er nog een
paar stappen en/of inzichten voor nodig om opeens het licht te zien en
doelbewust aan de slag te gaan. En soms heb je daar de ellende van anderen voor nodig.
Eigenlijk wilde ik nu schrijven over mijn aanwezigheid
op en wat gedachten over Twitter. Blijkbaar waren mijn schoonouders en wat hun
bezoek losmaakte belangrijker. Het was een fijn bezoek met koffie en
zelfgebakken koek. Over Ex hebben we het niet gehad. Maar dat hoeft ook niet.
Er zijn genoeg andere dingen om over te praten. Ja, er komt weer ruimte.
Abonneren op:
Posts (Atom)